Indonesische kijk- en leestips over (de)kolonisatie en de onafhankelijkheidsoorlog

Geplaatst in: Boeken, Expressie

In Nederland zijn we vooral bekend met verhalen uit de Indische of totokgemeenschap over de koloniale tijd en de onafhankelijkheidsoorlog. Maar hoe reflecteren Indonesiërs op dit verleden? In dit artikel wordt onder meer het werk van drie invloedrijke schrijvers aangeraden.

Pramoedya Ananta Toer (1925-2006)
De vader van deze belangrijke Indonesische schrijver was actief in een linkse nationale stroming die zich afzette tegen de koloniale overheersing. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte Pramoedya Ananta Toer bij een Japans persbureau. Zo kwam hij in contact met belangrijke Indonesiërs, waaronder Mohammed Hatta, van wie hij economieles van kreeg. Na het uitroepen van de onafhankelijkheid nam Toer actief deel aan de gewapende vrijheidsstrijd. In die tijd begon hij met het schrijven van korte verhalen en boeken. Ook schreef hij propaganda voor de nationalistische beweging. De Nederlanders pakten hem op, waarna hij twee jaar gevangen zat. Tijdens zijn gevangenschap schreef hij zijn eerste twee grote romans, De vluchteling en Guerrillafamilie. Verraad is een belangrijk thema in beide boeken. In Guerrillafamilie valt een gezin uit elkaar wanneer de vader zich na de Tweede Wereldoorlog bij het KNIL voegt en zijn zonen voor het Indonesische leger kiezen.

Pramoedya Ananta Toer woonde ook een tijdje in Nederland en bezocht verschillende communistische landen. Onder Suharto’s anticommunistische dictatuur zat hij 14 jaar in gevangenschap. Het was toen verboden om zijn boeken te verspreiden. Op het Molukse eiland Buru schreef hij zijn befaamde vierluik, dat zich afspeelt in het begin van de twintigste eeuw: Aarde der mensen, Kind van alle volken, Voetsporen en Het glazen huis. In het Buru-kwartet staan sterke vrouwelijke Indonesische en Chinese karakters centraal die discriminatie en vernederingen onder het kolonialisme ondergaan. Pramoedya Ananta Toer vertelde in eerste instantie de verhalen aan zijn medegevangenen, maar wist ondanks het verbod op pen en papier later zijn boeken de gevangenis uit te smokkelen. Vorig jaar zijn de eerste twee delen herdrukt in Nederland. Toer kreeg twaalf prijzen uitgereikt voor zijn oeuvre.

Tekst gaat verder onder de foto

 

Dit bericht op Instagram bekijken

 

Een bericht gedeeld door Bung Dimas (@dimasmuhammaderlangga26)

Yusuf Bilyarta Mangunwijaya (1929-1999)
Tijdens de onafhankelijkheidsoorlog voegde Mangunwijaya zich bij de Indonesische strijd. Hij verbaasde zich over de manier waarop de troepen de dorpsbewoners behandelden. Later studeerde hij filosofie, theologie en architectuur. Mangunwijaya schreef romans, korte verhalen, essays en non-fictieboeken.

Zijn bekendste werk is Het boek van de wevervogel. In deze roman doorbreekt hij de veelgebruikte Indonesische geschiedschrijving in de vorm van heldenverering. Het verhaal gaat over een onmogelijke liefde tussen een Nederlandse KNIL-soldaat en een Javaanse voorstandster van de republiek. Hij betreurt later de keuze om zich bij het KNIL aan te sluiten. In deze roman onderzoekt Mangunwijaya wat goed en fout is, waarbij hij niet schuwt de nauwe band tussen de Indonesiërs en Japanse overheersers aan te snijden. Het verhaal vertoont gelijkenissen met een wajangspel, specifiek het Mahabharata – een klassiek heldendicht.

Tekst gaat verder onder de foto

 

Dit bericht op Instagram bekijken

 

Een bericht gedeeld door Dolboekoe (@dolboekoe)

Basuki Gunawan (1929-2014)
Een aantal korte verhalen en gedichten van zijn hand werden in een Indonesisch tijdschrift gepubliceerd. In de jaren vijftig ging hij naar Nederland om sociologie te studeren. Hier is hij met een Nederlandse vrouw getrouwd, met wie hij twee kinderen kreeg.

Zijn bekendste werk is de roman Winarta, die hij in het Nederlands publiceerde in het literaire tijdschrift De nieuwe stem. Dit jaar was er een herdruk van het boek, waardoor het een nieuw publiek heeft bereikt. Het verhaal gaat over een Indonesische jongen van wie de ouders zomaar door de Nederlanders zijn vermoord. Hij besluit zich hierna aan te sluiten bij een groep jonge en onervaren onafhankelijkheidsstrijders.

Cadet 1947
Deze film gaat over Indonesische cadetten en technici van de luchtmacht. Na het uitroepen van de onafhankelijkheid valt Nederland twee jaar later het land weer binnen. Zeven jongemannen besluiten daarop het hoofdkwartier van het Nederlandse leger aan te vallen. Echter hebben ze nog weinig ervaring met vliegtuigen. Met de leus “hari ini atau tidak sama sekali”, ofwel “vandaag of nooit” zetten ze hun leven op het spel. De film is gebaseerd op een waargebeurd verhaal en te zien op Netflix.

Verder lezen

Column

Column: Wies van Groningen (1929-2022) leefde in twee gescheiden werelden

Cultuur     Identiteit     Interviews
#podcast

MDBP Podcast: Jinai Looi: “Smaak zou een vak op school moeten zijn”

Identiteit     Interviews
Derde generatie

Gladys Kraus omarmt diens Indonesische afkomst, maar wil niet terug naar diens geboorteland vanwege gebrek aan LHBTI-acceptatie