Marcel van Doorn: “Veel mensen weten niet dat ze trauma’s meedragen”

Geplaatst in: Identiteit, Column
Marcel van Doorn is vrijgevestigd therapeut, expert in psychotraumatologie en gespecialiseerd in interculturele opstellingen. Elke maand deelt hij zijn opgedane kennis en ervaringen met Meer Dan Babi Pangang. Deze keer vertelt hij over ‘kintsugi’ en hoe men reageert op trauma.

Jaren geleden bezocht ik eens het Tropenmuseum voor een buitenoptreden van een groep Indonesische krijgers én dansers. Niet eerder had ik zoiets gezien in het echt. Ik kon ze slechts door de kostuums en wapens uit elkaar houden. In ieder geval, toen ik er toch was ging ik ook naar binnen als voordeel van mijn museumjaarkaart. Het was raar te bedenken dat mijn vader voor zijn vertrek naar Thailand, waar hij als jongeman van 23 ging werken, hetzelfde museum had bezocht in het kader van zijn tropenvoorbereiding en opleiding.

Daar zag ik opeens delen kapot servies van mijn toenmalige schoonmoeder in de vitrine staan met dezelfde lelijke metalen nietjes om het kostbaar porselein bij elkaar te houden, maar ook met gouden lijnen gerepareerd. Ik had het spul allang weggegooid in mijn achteloosheid, kapotte spullen was volgens mijn definitie van  toen troep. Ik vond het mateloos intrigerend om het in het museum te zien en in mijn latere leven kwam het nog wat keren voorbij.

‘Kintsugi’, ‘gouden verbinding’, ook wel ‘Kintsukuroi’, ‘gouden reparatie’ genoemd, is de Japanse kunst van het repareren van gebroken keramiek met goud- of zilverkleurige lak. Vóór het ontstaan van ‘kintsugi’ was het gebruikelijk om gebroken kostbare keramiek te repareren met metalen nietjes. Hiervoor werden kleine gaten geboord aan weerszijden van de breuk. ‘Kintsugi’ werd in de late 15e eeuw in Japan ontwikkeld en werd in de loop der tijd ook veelvuldig toegepast in China, Vietnam en Korea. ‘Wabi Sabi’ heeft in belangrijke mate bijgedragen aan de waardering van ‘kintsugi’. Deze van oorsprong boeddhistische wereldbeschouwing benadrukt de schoonheid van imperfectie en vergankelijkheid. Sporen van gebruik dragen bij aan de waarde van een object.

‘Kintsugi’ benadrukt de barsten in een keramieken voorwerp en onthult zo een deel van zijn geschiedenis.

Een overgroot deel van de wereldbevolking is getraumatiseerd door zowel menselijke of door natuur veroorzaakte rampen. In zowel kleine gebeurtenissen als op wereldschaal en alles daartussen in. Dit maakt dat het juist en wenselijk is dat wij het over trauma’s hebben. Iedereen duwt het trauma van zich af door vluchten, vechten of bevriezen puur in de reflex. De psyche scheidt zich in delen om te overleven. Terwijl de psyche in scherven ligt leven we met slechts het overlevingsdeel, een deel van de psyche. Wij hebben de veronderstelling dat wij zelf de keuzes maken terwijl het in feite door het overlevingsdeel gebeurd. Als mensen leven en overleven wij met veel trauma’s, de één met wat meer impact dan de ander in zijn leven.

Veel mensen hebben het niet eens door dat ze trauma’s meedragen. Wij wijten het ongemak in het leven aan verkeerde keuzes maken, toevalligheden en stommiteiten. We hebben niet door dat we niet vrij zijn om de juiste keuzes te kunnen maken als gevolg van trauma’s. We blijven door gaan met het creëren van herhalingen van situaties die we dan weer toevalligheden of stommiteiten noemen. Soms is er een heldere inval of worden we door een bedrijfsarts naar een therapeut gestuurd. Daar komen wij er dan achter dat we overleven in het gevangenschap van de trauma’s en het gedrag dat ons ziek maakt. De meeste therapeuten willen hiermee aan de slag en komen meteen met hele strategieën om het op te lossen. Ze willen interventies plegen terwijl er juist gevraagd wordt om een actieve non-interventie op basis van wederkerigheid.

“Na een traumatische gebeurtenis wordt de wereld ervaren door een ander zenuwstelsel. Alle energie van degene die er door werd getroffen, wordt nu gericht op het onderdrukken van de innerlijke chaos, ten koste van zijn spontane deelname aan het leven. Zulke pogingen om de controle te behouden over ondraaglijke fysiologische reacties kunnen leiden tot een hele reeks lichamelijke symptomen, waaronder fibromyalgie, chronische vermoeidheid en andere auto-immuunziektes. Dit verklaart waarom het essentieel is om bij een trauma het gehele organisme te behandelen: lichaam, hersenen en geest.” schrijft Bessel van der Kolk in zijn boek ‘Traumasporen’.

In mijn optiek is het totaal niet belangrijk wat nu precies het trauma is. Dat wordt vanzelf wel duidelijk in de gesprekken en verhalen met de cliënt. Belangrijk is het herkennen én de erkenning van het trauma en het daaruit voortvloeiende gedrag.

Het enige wat je als therapeut kan doen is als een zweminstructeur het zwemmen voordoen in het instructie geven en de omstandigheden optimaal te maken. Op het moment van verzuipen pas in het water springen en de drenkeling op het droge brengen. Welke les heeft het trauma jou geleerd? De volgende stap is weer met vertrouwen het water in te gaan. Door veiligheid te bieden, oefeningen en hulpmiddelen aan te reiken creëer je als therapeut een leeromgeving waarin mensen het trauma leren aan te kijken.

Zo kan ik me mijn eigen reactie herinneren op een heftig auto ongeluk waaraan ik in een file voorbij reed. Of ik nu wilde of niet, we reden zo langzaam dat ik wel moest kijken. Dat bracht mij acuut terug naar het ongeluk dat wij hadden als gezin waarbij ik samen met mijn broer voor in de stoel zat. We zaten vastgesnoerd toen er plots een man voor de auto, een kleine Opel Kadett, stond en over het dak vloog. Achteraf bleek dat de man stomdronken was en mijn vader best langzaam reed, waardoor de dronken man nog geen schrammetje overhield aan zijn onbedoelde luchtacrobatiek. Ik zat vastgesnoerd op de stoel met de armen van mijn broer om mij heen te trillen. Ik kon nergens heen. Mijn vader stapte terug in de auto en verzekerde ons dat de man nog leefde en weer de kroeg in gedoken was. Hierbij legde hij even zijn hand op het hoofd van mijn broer en mij. Mijn moeder achter in de auto met de baby en twee kleine kinderen hoorde ik zachtjes verwensingen mompelen in het Maleis.

Mijn vader is de volgende dag terug gereden naar de kroeg waar de aanrijding vlak voor plaats vond. De man zat aan de bar en kon zich niets meer herinneren tot verbazing van mijn vader.

En nu ik zelf reed en weer eenzelfde reactie kreeg heb ik de auto zo snel mogelijk geparkeerd. Ik ben uit de auto gestapt en heb gedaan wat ik net had geleerd in mijn traumatraining en dat was springen. Ik sprong op en neer zoals de Masaï-stam in Afrika, net zo lang totdat het trillen in mijn lichaam helemaal verdwenen was, toen kwam er een huilbui en was het over. Tot op heden heb ik geen probleem om achter het stuur van een auto te stappen. Het leerde mij ook dat er triggers zijn in ons leven die een oud trauma kunnen activeren. Door de lessen die ik heb ervaren heb ik kunnen leren in het nu te reageren. Hierdoor kan ik anders kijken en nieuwe energie omarmen, een nieuwe weg inslaan. Met zachtheid, zonder verwijt, transformeer ik het trauma. Ik geef het trauma niet door aan mijn naasten en ben ik als therapeut een gids voor anderen. Voor mij is de herinnering hieraan een herinnering met een gouden randje, ‘kintsugi’. Zo heb ik al vele herinneringen mogen maken in mijn ontwikkelingsreis.

Er is geen andere manier dan oprecht naar jezelf kijken en compassievol aan de slag te gaan met jezelf. Dit doe je door de inzichten die je hebt verworven vorm te geven, jezelf aan te raken en te laten aanraken door een ander waarbij je hart en ziel zich zullen openbaren. Dat kun je ondersteunen door meditatie, yoga of met dat wat bij jou past.
De werkelijkheid heeft ook een vriendelijk gezicht.

Verder lezen

Artikelen

Weetjes van de Week

Identiteit     Portret

Ter nagedachtenis aan Bo Keller (1928 – 2020)

Identiteit     Portret     Interviews

Noëlle Sanders, kandidaat voor 50PLUS: “Indische kwestie is eigenlijk een toeslagenaffaire, maar dan erger”

Menu