Marcel van Doorn: “Ergens was ik niet gelukkig”

Geplaatst in: Identiteit, Column, Artikelen
Marcel van Doorn is vrijgevestigd therapeut, expert in psychotraumatologie en gespecialiseerd in interculturele opstellingen. Elke maand deelt hij zijn opgedane kennis en ervaringen met Meer Dan Babi Pangang. Deze keer neemt hij ons mee in zijn persoonlijk verhaal.

Als mij gevraagd wordt om te gaan schrijven over trauma en wat mijn kijk daarop is, gebeuren er twee dingen. Het eerste is dat ik een beetje verlegen word van zoveel aandacht, het tweede is dat ik vrijwel meteen begin over te lopen van wat ik allemaal wel niet zou willen vertellen. Laat ik voorop stellen dat in mijn persoonlijk leven tot mijn 42e levensjaar niet echt of geen traumata waren, althans ik was me van geen kwaad bewust. De traumata die ik zag waren vooral op mijn werk binnen de psychiatrie als verpleger uitzendkracht. Later begon het een beetje te dagen bij mij, toen ik als medewerker groepsleider binnen het ministerie van Justitie werkte met zowel de jeugd als in het volwassen circuit.

Het was een gemiddeld goed leven.

Eigen huis en mooi ingericht, partner, eigen auto, gemiddeld goede bankrekening en vrienden. Oké, ik was wel verslaafd aan slechte dingen zoals roken en drinken en niet altijd even gezond eten, maar daar tegenover stond dat ik veel sportte. Gewoon de gemiddelde Nederlander, je kent hem vast wel. Wel was er een ruzie tussen mij en mijn ouders die ik niet oploste, werk dat mij tegen ging staan, dingen die niet wilden lukken. En ik, ergens was ik niet gelukkig. Iets, diep in mij, roerde zich en dat wilde ik niet weten, dat wilde ik niet voelen. Ook gemiddeld. Dus zat ik rustig op een wolkje gewoon mijn ding te doen, je kent dat wel. Zo een wolkje rechts boven je, ergens net hoog genoeg zodat je geen last hebt en zeker niet veroorzaakt. “Lekker chill”, zoals mijn neefjes nu zeggen.

Enfin, er gebeurde eigenlijk ook niets spectaculairs rond mijn 42e levensjaar. Vrienden namen mij mee naar een dag familieopstellingen, nadat ze mij hadden overgehaald met hun verhalen. Ik was, en ben, nieuwsgierig naar zaken die niet zo voor de hand liggen. Eenmaal daar aangekomen kwam ik in een zaal terecht en de dag begon met een korte uitleg door Bouke de Boer. Hij nodigde zijn eerste vraagsteller uit en na een kort gesprek gaf hij de man opdracht om mensen te vragen om zijn gezin te representeren. Vrij klassiek gezin met man, vrouw, dochter en zoon.

Meteen dacht ik ‘als hij mij gaat vragen zeg ik nee’, terwijl de man in de zaal iedereen bekeek.

Hij koos ze achter elkaar en stond precies op het moment dat ik even niet oplette voor mijn neus. “Wil jij mijn zoon representeren” is zijn vraag, waarop ik meteen zei: ”Ja, dat is goed”.  Wat haalde ik in mijn bolle kop om “ja” te zeggen? Ik had toch bedacht om te weigeren, de hele dag, zodat ik het allemaal eens goed kon bekijken. Mijn vrienden moesten hartelijk lachen om mijn gezichtsuitdrukkingen dat boekdelen sprak. Ik vermoed dat de meeste representanten zich nog wel die eerste keer kunnen herinneren dat ze gevraagd worden. Er gaan duizend-en-een gedachten door je hoofd en je buik voelt raar aan.

De man plaatste mij op de vloer in een hoek en ik mocht niet kijken naar de anderen. Nou, lekker dan, dat was precies de situatie die ik met mijn eigen vader en moeder ervaarde. Toen ik eindelijk ook iets mocht zeggen was ik een partij boos en knalde ik dat er dus ook uit, waarop de man reageerde dat ik precies zijn zoon was. Huh? Ik was boos op mijn vader en moeder, niet op hem. Hem vond ik zielig. Hier haalde het universum een linke grap met mij uit. Gelukkig wist Bouke de Boer mij ‘deze grap’ uit te leggen. Deze opstelling wist mij mijn eigen situatie te spiegelen. Het zette mij enorm aan het denken, en ook vooral aan het voelen.

En dat bleek nu iets minder eng en minder moeilijk dan ik mij in eerste instantie had voorgesteld.

Niet lang daarna wisselde ik maar weer eens van psychotherapeut. Nu zou ik voor het eerst een Duitse therapeut ontmoeten, Johannes Schmidt. Achteraf gezien is dat het beste geweest wat mij is overkomen. Door zijn achtergrond heeft deze therapeut geen koloniaal verleden in Indonesië. Wel had hij het besef van wat zijn voorouders in de Tweede Wereldoorlog hadden gedaan. Daarnaast werkte hij met de toen net bekende inzichten over lichaamswerk, psychotrauma en opstellingen.

Ik zal je niet gaan vervelen over de tranen die ik heb verspild, over mijn stampvoeten, over mijn boosheid die ik eindelijk kon uiten. Ik zal je niet vervelen over de keren dat ik naar de afspraak ging, terwijl ik dat echt niet wilde en voor de deur bleef staan. Alleen Johannes had dat allang door, dus die deur ging gewoon open. En elke keer als we de sessie afsloten had ik het idee dat de tijd had stil gestaan, terwijl de klok een andere tijd aangaf. Na verloop van tijd ging het steeds beter met mij. Ook mijn verslavingen verdwenen, kwamen weer terug en langzaam leken ze dan op te lossen over een periode van ruim zes jaar.

Meteen aan het begin had Johannes mij gewaarschuwd: “Als jij dit traject ingaat, ga jij veranderen. Je omgeving, je partner zullen niet mee veranderen, dus zal er verwijdering plaats vinden en uiteindelijk zullen jullie uit elkaar gaan”. Er gebeurde veel meer. Niet alleen liep mijn relatie na negentien jaar ten einde, mijn relatie met vrienden en werk transformeerde. Mijn relatie met mijn familie veranderde en herstelde zich.

Als door een klein wonder heb ik nog de laatste levensjaren van mijn ouders mee mogen maken, als een soort voltooiing, een kroon van mijn traumatraject.

In de loop der jaren heb ik veel meer kennis tot mij genomen. Ik heb twee trauma trajecten doorlopen van elk een jaar. Ik heb mij verdiept in Europa, Azië, Noord Amerika, Hawaii, Zuid-Amerika, Australië en in het sjamanisme. Ik heb mij verdiept in de Javaanse mystiek. Ik heb mij verdiept in de Huna, bekend van de ho’oponopono, en de Ayurveda, het oudst beschreven gezondheidssysteem. Ik heb deelgenomen aan veel, heel veel opstellingen bij verschillende therapeuten. Mijn boekenkast is gegroeid. Mijn kennis over de geschiedenis en de verbanden van koloniaal Nederlands Indië, Europa en de Amerika’s, de rest van de wereld is toegenomen.

Als kind maakte ik al reizen over de hele wereld, en daarbuiten, in mijn droomwereld. Het reizen over de wereld werd werkelijkheid in mijn proces tot volwassenheid tot nu toe. Ik kon en kan de energie van de continenten tot mij nemen. Telkens weer verrassend anders, telkens weer verrassend thuiskomen bij wat ik innerlijk al wist. Een verrijking van mijn zijn. Dit was en is mijn pad, eigenlijk volkomen oninteressant, want het is jouw pad wat belangrijk is voor jou. En het zijn jouw vragen op je zoektocht om diep in jezelf de antwoorden te vinden. En ja, dat vind ik weer spannend dus heb ik daar in de begeleiding mijn werk van gemaakt. Net zoals Panda en kleine draak aan de wandel gaan waarbij Panda vraagt wat belangrijker is, de reis of het doel? En kleine draak antwoord dan: “Het reisgezelschap!”

Verder lezen

Boeken     Identiteit     Column

Vilan van de Loo schrijft nieuw boek over KNIL

Reportage     Artikelen

‘Toeristenbubbels’ voor Indonesië geven nieuwe hoop

Boeken     Identiteit     Interviews

Wereldreiziger Elke Salverda: “Een trip naar Java staat hoog op mijn bucket-list”

Menu